Het rund in het Morris-embleem
Een biologische studie door Evert Spapé.

Inleiding.
Dat onze Morris in het embleem een afbeelding van een dier voert, is niet afwijkend van veel andere merken; neem b.v. de leeuw, jaguar enz. Omdat onze ‘mascotte’ op een stier lijkt, wordt die ook wel eens zo genoemd. Wie echter met kennis van zaken wil spreken, weet wel beter.
Ooit heb ik deze misvatting aangevochten tijdens een ledenvergadering (lang geleden), omdat men de foutieve benaming dreigde op te nemen in de statuten en/of het huishoudelijk reglement.

De stier
De gemiddelde Nederlander kent het verschil tussen een stier en een koe en een melkende boerin zal zich niet gauw vergissen. Een stier is zo gezegd een mannetjeskoe. Dat klinkt duidelijk in een kleuterschool maar eigenlijk kun je dat ook al niet zo zeggen. Je moet zeggen mannelijk rund. De lichaamsbouw van de stier is op een aantal punten sterk afwijkend van die van zijn wederhelft. Globaal straalt een stier (fysiek) meer kracht uit dan een koe. Op detailniveau blijkt er een aanzienlijk verschil in het aantal tepels. Ook dient men enige terughoudendheid te betrachten bij een stier. Een stierengevecht is de onderlinge strijd tussen tenminste twee rivaliserende stieren om het bezit van de kudde. In Spanje is een stierengevecht een gevecht van een stier tegen mensen. Soms spreekt men van een gesneden stier. Niet dat die zich ergens aan heeft gesneden maar men heeft hém ergens aan gesneden.

De os
Een gesneden stier noemen we een os. Men heeft flink wat materiaal van de onderbuik verwijderd, waardoor het dier vanuit die omgeving alleen nog maar kan plassen. Die ingreep heeft o.a. een wijziging van lichaamsbouw tot gevolg. De voormalige stier, nu os, ontwikkelt een ander soort kracht, een domme kracht (‘zo sterk als een os’ , ‘zo dom als een os’).
Ossen werden ingezet voor een osse(n)wagen of voor een ploeg.
Uit het bovenstaande blijkt dat men nauwelijks kan spreken van een papa-os maar zeker niet van een mama-os, waaruit logisch volgt dat er geen jonge osjes worden geboren. De os is dus geen aparte diervariatie met nakomelingen. Dit geldt weer niet voor de zogenaamde oer-os uit de oertijd, die dus klaarblijkelijk wel voor nageslacht kon zorgen, anders hadden wij niet voor ossen kunnen zorgen. Eenvoudigheidshalve laat ik ossehaas even buiten beschouwing. Genoeg over de os.

Het Morris-embleem
Wij voeren in ons embleem een os en dus niet een stier. Dat is visueel niet duidelijk herkenbaar op de afbeeldingen van ons embleem. Maar waarom een os als mascotte en/of afbeelding op ons embleem?
Het Engelse woord voor os is ‘ox’ en, doordenkend in autotermen komen we dan al snel via ‘Ford’ op ‘Oxford’. Niet te verwarren met Bedford want dat is een tot camper omgebouwde Ford. Oxford dus! Die stad komt bekend voor als bakermat van onze Morris. William Morris gebruikte het wapen van die stad als basis voor zijn automerk Morris.

Wat een os (‘ox’) is, weten we inmiddels. Nu nog de ‘ford’ van Oxford. Als we de Oxford Dictionary (woordenboek) erop naslaan, vinden we : een ‘Ford’ is een ondiepe plek in een rivier, waar je kunt oversteken. Dat kan een os daar dus ook, oversteken, terug naar de stal. Vandaar ‘Oxford’. Nu is de rest van het plaatje ook duidelijk, de blauwe golfjes, waar de os doorheen of min of meer overheen loopt.

De moraal van het verhaal.
Wie het bovenstaande begrijpt, zal met betrekking tot het merk Morris nooit meer spreken over een stier maar over een os.
In een van mijn Minors heb ik aan de binnenspiegel een ‘rood rund’ hangen, waarvan ik consequent met een Stanley-mes een gevoelig deel van de onderbuik heb moeten verwijderen.

Samenvatting in dichtvorm.